Persbericht: 3 februari 2026
SCHOOLPLICHTIGE KINDEREN LATEN WERKEN IS SCHADELIJK VOOR HUN ONTWIKKELING... EN VOOR DE GENDERGELIJKHEID
De Arbeidswet van 16 maart 1971 verbiedt het laten werken van kinderen van 15 jaar die nog steeds onderworpen zijn aan de volledige leerplicht. Daar wil de Regering wat aan wijzigen. De wet van 18 december 2025 “houdende diverse bepalingen” heeft deze laatste voorwaarde geschrapt als het gaat om “licht werk”. Voortaan mag een kind van 15 jaar na schooltijd 2 uur per dag en 12 uur per week werken en tijdens schoolvakanties van minstens 1 week 8 uur per dag en 40 uur per week. De afdeling wetgeving van de Raad van State heeft haar bezorgdheid geuit over het effect van deze belasting op de ontwikkeling van het kind en het welslagen van zijn schoolprestaties. De Nationale Arbeidsraad heeft op dezelfde bezorgdheid gewezen in zijn advies nr. 2450 van 27 mei 2025 en deze bezorgdheid nogmaals herhaald in zijn advies nr. 2475 van 27 januari 2026.
Wat te verstaan onder “licht werk”? Dat gebeurt in een voorontwerp van koninklijk besluit, waarin de volgende activiteiten worden opgesomd: “aangestelde van een vestiaire/ inpakken van kleine pakketten / vakkenvuller/ verkoopassistent in kleinhandelszaken”. De Raad voor de Gelijke Kansen van Mannen en Vrouwen vreest dat, gezien de nog steeds sterk aanwezige genderstereotypen in de Belgische samenleving, sommige werkgevers ten minste de eerste en de vierde van deze activiteiten alleen aan meisjes zullen aanbieden, wat in strijd is met de wet van 10 mei 2007 die discriminatie op grond van geslacht op het werk verbiedt. Met andere woorden, de Raad stelt vast dat de wet van 18 december 2025 en het voorontwerp van koninklijk besluit niet aan een correcte effectbeoordeling zijn onderworpen. Dit terwijl voor elk ontwerp van de federale regering een dergelijke geïntegreerde beoordeling (afgekort RIA) verplicht is, ook wat betreft gendergelijkheid (wet van 15 december 2013 betreffende de administratieve vereenvoudiging).
Deze nieuwe arbeidstijdregeling kan de kwaliteit van het onderwijs en de levenskwaliteit van kinderen in gevaar brengen. Bovendien is het voorstel van arbeidstijd niet geanalyseerd op zijn impact op de gendergelijkheid. Het Bureau van de Raad voor Gelijke Kansen voor Mannen en Vrouwen heeft dan ook een negatief advies uitgebracht. In zijn advies nr. 175 van 29 januari 2026 staat de aanbeveling om het voorontwerp van koninklijk besluit niet goed te keuren.
Contact : jean.jacqmain@cgsp.be
Advies 175 : https://raadvandegelijkekansen.be/media/498/download?inline